akkerwinde
Dutch

Convulvus arvensis
Pronunciation
- IPA(key): /ˈɑ.kərˌʋɪn.də/
Audio (file) - Hyphenation: ak‧ker‧win‧de
Noun
akkerwinde f (plural akkerwinden)
- field bindweed (Convolvulus arvensis)[1]
- 2005, Monique van der Zanden, "De kleine akkerwinde", Het pad van de regenboog, Christofoor (publ.), page 20.
- En op een ochtend werd de akkerwinde door de zon wakker gekust en ze bloeide met wel honderd tere roze kelken, de een nog mooier dan de ander.
- And one morning the field bindweed was woken with a kiss by the sun and she bloomed with a hundred delicate pink calyces, the one being even more beautiful than the other.
- 2012, Glenn Cooper, De tiende kamer, tr. by Riek Borgers, original title The Tenth Chamber, A. W. Bruna Uitgevers (publ.).
- ‘ […] De bessen en de akkerwinde zijn nooit een probleem. […] ’
- ' […] The berries and the field bindweed never pose a problem [with storage].'
- Hypernym: winde
- 2005, Monique van der Zanden, "De kleine akkerwinde", Het pad van de regenboog, Christofoor (publ.), page 20.
References
- Henk Glas, "Onkruiden herkennen", 2010, Baarn, Tirion Uitgevers, →ISBN, pp. 135-137.
Further reading
akkerwinde on the Dutch Wikipedia.Wikipedia nl
This article is issued from Wiktionary. The text is licensed under Creative Commons - Attribution - Sharealike. Additional terms may apply for the media files.